Video

On Purpose: Andere kijk op de markt

ON PURPOSE III #2: Kees Klomp interviewt Thijs Lijster

Geplaatst op 4 maart 2024

Yvonne-Lang-fitting

Yvonne Lang

Programmamaker Circl Movement

Als je het aan universitair cultuurfilosoof Thijs Lijster (Rijksuniversiteit Groningen) vraagt moeten we voor oplossingen voor de grote klimaatopgave en andere crises vooral naar onszelf kijken. En dan niet naar onszelf als individuen (“Een beter milieu begint bij jezelf”), maar naar wat ons mensen verbindt als groep. Oftewel het ‘samen’ in de samenleving.

Het probleem
Minder gemeenschap, meer markten

In zijn boek ‘Wat we gemeen hebben’ heeft Thijs specifiek gekeken naar wat een gemeenschap verbindt. En dan niet zozeer naar gedeelde waarden, normen of identiteit, maar specifiek naar wat wij als samenleving in materiële zin gemeen hebben. Hij ontdekte dat de manier waarop wij naar gemeenschappelijke bronnen kijken in de loop van de tijd is veranderd.

In het verleden kon bijvoorbeeld iedereen vee laten grazen op een veld of gebruik maken van een bos of een waterbron. Pas toen de mens in de late middeleeuwen zich begon te vestigen waren er ineens ook omheiningen. Omheiningen leidden tot individueel eigendom en er was steeds minder aandacht voor het gemeenschappelijke eigendom.

Met de komst van het kapitalisme kwam ook de commercialisering van wat voorheen ván en vóór de gemeenschap was georganiseerd, denk aan de zorg, energie en het onderwijs. Ineens ontstonden er allerlei markten die niet meer als van oudsher gericht waren op het uitwisselen van goederen en diensten, maar in plaats daarvan gericht waren op steeds meer financiële winst, vaak ten koste van de natuur en de gemeenschap.

Volgens Thijs hebben deze ontwikkelingen vandaag een negatief effect op onze samenleving.

De oplossing
Meer gemeenschap, minder markten

Het alternatief dat Thijs voorstelt is de meent, beter bekend onder de Engelse term ‘commons’. Meenten zijn gedeelde bronnen waar iedereen gebruik van kan maken zonder dat ze iemands exclusief eigendom zijn, denk aan de natuur maar ook wetenschappelijke kennis, het internet of iets dat we met z’n allen belangrijk vinden, zoals een fijn huis voor iedereen.

De meent wordt tegenwoordig vaak aangedragen als alternatief voor het kapitalisme. Het verschil tussen kapitalisme en het meent gedachtengoed is dat het doel van de productie binnen het kapitalisme de accumulatie van financieel kapitaal is, terwijl de meent gericht is op instandhouding van zichzelf, zonder noodzaak tot groei. Daarmee is de meent in de kern ook circulair omdat de productie in dienst staat van de gemeenschap.

Naast een andere kijk op gemeenschappelijk eigendom heeft de meent ook een democratische dimensie. Het gaat niet alleen om het delen van bronnen maar ook om de gemeenschappelijke besluitvorming over verdeling en beheer van een gezamenlijke plek. Die processen worden gemeenschappelijk bepaald, waardoor het meent gedachtengoed verschilt van bijvoorbeeld het economisch systeem binnen het communisme.

Als productie in dienst staat van de gemeenschap en verdeling maatschappelijk bepaald wordt, kun je je afvragen welke markten nodig zijn en hoe we markten anders zouden kunnen inrichten. Een voorbeeld dat Thijs hiervoor schetst is de woningmarkt.

Voorbeeld woningmarkt

Volgens Thijs wordt het probleem duidelijk als je naar het woningtekort kijkt.
De woningmarkt is een financieel-kapitalistische markt waarin een relatief kleine groep mensen (vastgoedeigenaren) een grote groep mensen -en daardoor een belangrijk gemeenschappelijk goed raakt-, namelijk een dak boven je hoofd.

In de vastgoedwereld gaat het om het steeds vergroten van financieel rendement en zorgt weinig aanbod voor hoge prijzen. Daardoor kunnen mensen moeilijk aan een fijn thuis komen. Volgens de analyse van Thijs is de essentie van de woonprotesten dan ook dat wonen door velen als een gemeenschappelijke levensbehoefte wordt gezien, waardoor het ook eerlijker verdeeld zou moeten zijn.

Volgens Thijs heeft het neoliberalisme een (woning)markt gecreëerd waar eerst een gemeenschappelijk goed (volkshuisvesting) was, maar is een door de mens gemaakt systeem ook iets wat de mens zelf kan veranderen.

Wat het volgens Thijs moeilijk maakt is dat het kapitalisme en dus ook de marktlogica ondertussen diep verankerd zit in onze cultuur, waardoor we automatisch mee blijven gaan in de weeffouten van het systeem. Door weer meer te concentreren op een gemeenschappelijke doelstelling zoals bijvoorbeeld ‘een fijn huis voor iedereen’ zouden we het marktdenken kunnen overwinnen en oplossingen kunnen vinden voor verschillende crises die zijn veroorzaakt door een focus op kapitalisme. Dat woningen koopwaar zijn is volgens Thijs niet vanzelfsprekend maar een maatschappelijke keuze.

Banken en de meent

Banken en de financiële sector zouden volgens Thijs anders kunnen gaan denken over investeringen en een nieuwe definitie van rendement kunnen formuleren. Banken kunnen bij de creatie van meenten een belangrijke rol spelen als enabler vanuit het bestaande systeem en kunnen daarmee meewerken aan het behalen van ecologische en sociale winst.

Meer over Thijs

Thijs Lijster is universitair docent kunst- en cultuurfilosofie aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG). Hij heeft een PhD in filosofie en is cum laude afgestudeerd met een proefschrift over de filosofen Walter Benjamin en Theodor Adorno. Hij schrijft artikelen voor De Groene Amsterdammer en Filosofie Magazine, maar heeft ook essaybundels (‘De grote vlucht inwaarts’ en ‘Kijken, proeven, denken’), een pamflet (‘Verenigt U! Over arbeid in de 21ste eeuw’) en een boek  (‘Wat we gemeen hebben. Een filosofie van de meenten’) geschreven. Beide essaybundels stonden op de shortlist voor de Socratesbeker.

On Purpose
Kees Klomp gaat met gasten in gesprek over hun oplossingen voor een nieuwe duurzame economie.
Naar reeks